Sluinerweg 12

Wilp-Achterhoek

T 055 3018300

F 055 3018310

E info@var.nl

Home
Weegnet
Werken bij VAR
Nieuws
Publicaties
Contact
Zoeken
Links

Energie management programma


ENERGIE MANAGEMENT PROGRAMMA

1    Inleiding
Onderstaand document geeft inzicht in het Energie Management Programma van VAR. Het algemene VAR-beleid staat op onze website.
VAR is sinds 2011 onderdeel van Attero. Net als VAR is Attero zeer nadrukkelijk gericht op duurzaamheid. Attero heeft daarom al geruime tijd haar eigen CO2-voetafdruk berekend, waarbij ook belangrijke scope 3 effecten zijn meegenomen.

VAR opereert echter voorlopig nog geheel zelfstandig en kan daarom als organisatie gescheiden worden gezien. In hoeverre dat ook geldt voor de CO2-prestatieladder hangt af van het belang dat Attero gaat voeren als leverancier of afnemer. VAR hanteert als referentiejaar 2010; toen was VAR geen onderdeel van Attero.

2    Beleid duurzaamheid
Sinds 2011 is besloten om het aspect energie wat betreft beleid een extra dimensie te geven door aan te sluiten bij de systematiek van de CO2-prestatieladder. Kwantificeren van CO2-emissie geeft VAR extra houvast om duurzaamheid meer vorm te geven.
Het stelt VAR in staat om:

  • Concrete kwantificeerbare doelstellingen op te stellen en gecontroleerd na te leven. 
  • In de gehele keten andere deelnemers te stimuleren mee te doen naar het streven naar duurzaamheid. 
  • Op een vergelijkbare en eerlijke manier bedrijven te kunnen vergelijken op gebied van duurzaamheid.

Met name de laatste twee redenen zijn een extra stimulans bovenop de reeds bestaande concrete en gestandaardiseerde doelstelling die VAR reeds jaren heeft op het gebied van energie en CO2-emissie:
· 2% energie-efficiency verbetering per jaar zoals is vastgelegd in de MJA3-convenant waarbij VAR zich als eerste afvalverwerker heeft aangesloten.
Energie en CO2-reductie zijn twee aspecten die zeer nauw met elkaar verbonden zijn en hebben betrekking op een belangrijk aspect van duurzaamheid. VAR is actief op meer aspecten die betrekking hebben op duurzaamheid. Sinds de doelstelling energieneutraal welke in 2009 is gerealiseerd, focust VAR zich met name op het sluiten van de waterkringloop op het VAR-terrein.

Het duurzaamheidbeleid komt ook naar voren in de “VAR-waarden”, zoals die hieronder zijn geformuleerd:

  • Integriteit 
  • Respect 
  • Communicatie 
  • Afspraak is afspraak 
  • Imago 
  • Verbeter en vernieuw 
  • Opgeruimde omgeving 
  • Denk in oplossingen 
  • Medewerker met een functie

De afdeling Communicatie draagt zorg voor het opstellen en uitvoeren van het communicatieplan. De lange en korte termijn doelstellingen voor wat betreft duurzaamheid (waaronder energie- en CO2-doelstellingen) worden jaarlijks geformuleerd en goedgekeurd door de directie. De voortgang wordt maandelijks gerapporteerd in het Management Info verslag, wat besproken wordt in het MT waar de directie, de bedrijfsleiders en het hoofd KAM aanwezig zijn.

3    PLAN: Energieverbruik en reductiekansen
De eerste stap is het inzichtelijk maken van de CO2-emissie van de organisatie en de keten waarin de organisatie actief is. Op basis van inzicht kan er gekeken worden op welke aspecten er winst valt te behalen in de reductie van energie.

3.1    Energieverbruik en CO2-emissie door VAR (scope 1 en 2)
Het energieverbruik en de daarbij horende CO2-emissie wordt maandelijks bijgehouden en gerapporteerd aan het MT. Twee keer per jaar wordt hiervan apart een verslag gemaakt. Deze inventarisatie wordt uitgevoerd conform ISO14064-1 en het GHG-protocol voor scope 1 en 2. Zie hiervoor de Emissieinventaris VAR

3.2    Energieverbruik in de keten
VAR is aangesloten bij een reeks van specifieke branchevereningen in de afvalverwerking. Middels nieuwsbrieven, e-mails, directe contacten en vakbladen wordt veel informatie uitgewisseld en wordt er regelmatig en structureel overlegd. VAR blijft goed op de hoogte van de mogelijke keteninitiatieven.

In 2008 heeft dit geleid tot het eerste grote keteninitiatief op gebied van duurzame gft-verwerking op basis van gft-vergisting. Op basis van duurzaamheid volgens een CO2-emissiemodel dat voor de branche is ontworpen, is een grote investering gedaan die van VAR in plaats van een energievragend bedrijf een energieproducerend bedrijf heeft gemaakt.

Momenteel is VAR bezig met de volgende nieuw keteninitiatieven:

  • Afzet restwarmte naar de glastuinbouw 
  • Uitwerken CO2-reductie door recycling en hergebruik 
  • GFT-inzameling en verwerking in relatie tot CO2-emissies

Afzet restwarmte glastuinbouw
VAR gebruikt de restwarmte van de GFT-vergister nu voor 3 doeleinden:

  1. Benodigde proceswarmte ten behoeve van een optimaal vergistingsproces;
  2. een nieuw warmtenet dat het kantoor voorziet van verwarming en daarmee aardgas bespaart
  3. de uitlaatwarmte van de gasmotoren wordt aangeboden aan een derde op het terrein van VAR die dit omzet in elektriciteit.

De vierde afzet zou kunnen bestaan uit warmte aan toekomstige nabije glastuinbouw. VAR heeft actief stappen ondernomen om dit vrij langdurige procedurele proces op te starten. Een eerste haalbaarheidsonderzoek hiernaar is afgerond. Nu wordt gestart met de engineeringsfase.

Uitwerken CO2-reductie door recycling en hergebruik
De toepassing van recyclingsproducten leidt tot besparing van grondstoffen, energieverbruik en het vastleggen van CO2. Dit is goed uitgezocht voor compost. De manier waarop compost wordt toegepast heeft veel invloed op de CO2-balans. Hierbij speelt het kwaliteitsaspect een grote rol. Hoogwaardige compost kan als veenvervanger worden toegepast, wat leidt tot een grote vermeden CO2-emissie. VAR is samen met Attero bezig uit te zoeken in hoeverre dit ook geldt voor andere grondstoffen, zoals bijvoorbeeld kunststoffen.

GFT-inzameling in relatie tot CO2
VAR informeert gemeentes over de CO2-reductie in relatie tot het inzamelen van gft-afval. Hiermee probeert zij te bereiken dat gemeentes actief meer gft-afval gescheiden gaan inzamelen. De CO2-reductie die hiermee bereikt wordt, wordt gecommuniceerd aan de betreffende gemeente. 
 
Overige keteninitiatieven
Er lopen natuurlijk veel meer keteninitiatieven dan waar VAR aan mee doet. Enkele hiervan worden hieronder genoemd:

  • Biodiesel uit algen; Universiteit Wageningen heeft een groot algenproject, met als doel biodiesel uit algen te produceren. VAR heeft zelf een algenproject, maar dat richt zich op het zuiveren van water met behulp van algen. 
  • Attero heeft met de Milieufederatie Drenthe een Green Deal gesloten over de verwerking van gras en hiermee een reductie van broeikasgassen te bereiken. VAR is hier (nog) niet bij betrokken. 
  • Twence heeft een Green Deal gesloten om fosfaat terug te winnen uit mest. Hierdoor wordt kunstmest bespaard en uitstoot van CO2 vermeden.

Voor de CO2-emissies van scope 1 en 2 wordt VAR als een middelgroot bedrijf gezien. De emissies door de kantoren van VAR bedraagt 275 ton per jaar. Dit is lager dan de norm voor een middelgroot bedrijf. De productielocaties produceren meer dan 4.000 ton CO2 per jaar. Daarmee is VAR een middelgroot bedrijf.

De belangrijkste direct achterhaalbare scope 3 emissie zijn reeds bepaald (zie Emissieinventaris VARl)

3.3    Energie en CO2-reductiekansen
Bij VAR kan iedereen ideeën voor energiebesparing of CO2-reductie aandragen bij hun leidinggevenden of de diverse ondersteunende afdelingen zoals de inkoopafdeling, Engineering en KAM. Middels “VAR-waarden” wordt dit gestimuleerd.

Daarnaast zijn de volgende zaken formeel geregeld:

  • Bij de inkoop van rijdend materieel is energieverbruik en CO2-emissie een belangrijk beoordelingscriterium. 
  • Bij nieuwe projecten wordt het energieverbruik en de invloed van het project op de CO2-balans meegenomen. 
  • Maandelijks wordt de CO2-emissie getoetst aan de doelstellingen. Dit wordt gerapporteerd aan het MT.

3.4    Doelstellingen
Uit de rapportages aan het management (Management Info) en de voortgangsrapportage wordt duidelijk in hoeverre de doelstellingen gehaald worden. Op basis hiervan wordt samen met de afdeling Engineering bekeken in hoeverre aanvullende (technische) maatregelen noodzakelijk zijn. Jaarlijks vindt er een eindevaluatie plaats. Op basis hiervan stelt de directie nieuwe doelstellingen vast.

4    DO: Implementatie
De vastgestelde doelstellingen op CO2-gebied zijn opgenomen in het milieuzorgprogramma dat geïntegreerd is in de management review. Voor elk bedrijfsonderdeel waarop een gerichte doelstelling van toepassing is, is de verantwoordelijke functionaris de bedrijfsleider van dat bedrijfsonderdeel. Deze functionaris zorgt voor het uitzetten van acties binnen de organisaties. De verantwoordelijk functionaris bepaalt welke hulpmiddelen hij of zij nodig heeft voor het realiseren van de doelstelling.

5    CHECK: Monitoren en beoordelen
Maandelijks stelt de afdeling KAM een management rapportage op (Management Info). Hierin wordt ook de CO2-emissie meegenomen en getoetst aan de doelstellingen. Deze rapportage wordt maandelijks besproken in het MT-overleg, waar ook alle bedrijfsleiders aanwezig zijn. Zij hebben dus direct inzicht in de CO2-voetafdruk van hun bedrijf en kunnen worden aangesproken op de resultaten en waar nodig bijsturen.

Bij nieuwe projecten wordt de CO2-emissie van de nieuwe activiteit aangegeven.

Elk half jaar vindt er een voortgangsrapportage plaats, waarin de resultaten worden getoetst aan de doelstellingen. Deze rapportage wordt besproken in het MT en op de kwartaalbijeenkomsten. Daarnaast wordt deze gepubliceerd op de website.

De KAM-manager beoordeelt de resultaten van de verschillende rapportages en bespreekt dit met de bedrijfsleider of met de afdeling Engineering. Er wordt beoordeeld of bijsturing van de doelstellingen noodzakelijk is.

6    ACT: Rapporteren en bijsturen
Volgens het communicatieplan wordt intern en extern gecommuniceerd over de voortgang ten opzichte van de reductiedoelstellingen. Daarbij wordt de voortgang inzichtelijk gemaakt en gecommuniceerd over eventuele bijsturing.

7    Continue verbetering

Management review
Als onderdeel van de jaarlijkse Management Review die wordt uitgevoerd voor het zorgsysteem van VAR, wordt ook een beoordeling uitgevoerd op het energie- en CO2-beleid van VAR. In de Management Review wordt gekeken naar de effectiviteit van het beleid en of bijsturing noodzakelijk is.

Interne audits
Periodiek worden door het auditteam van VAR interne audits uitgevoerd volgens het jaarlijkse Auditprogramma. De interne audit is gericht om te toetsen of het energiebeleid van VAR effectief en doelmatig is geïmplementeerd. De KAM-coördinator stelt een auditrapport op met daarin de bevindingen van de interne audit. Deze bevindingen worden meegenomen als actiepunten voor het aanpassen of verbeteren van het energiebeleid en de implementatie ervan.

Klik hier om te zoeken